De lange momentsteun monteren
Elke SPEEDHUB zonder OEM, OEM2 of PM in de typeaanduiding wordt geleverd met de lange momentsteun. De momentsteun wordt eerst aan de asplaat vastgeschroefd en daarna onder de liggende achtervork bevestigd.
De momentsteun aan de asplaat
Section titled “De momentsteun aan de asplaat”- Houd de momentsteun achter de asplaat. Steek van achteren de schroefhuls door de momentsteun, leg de ringen tussen momentsteun en asplaat, steek dan van voren de bout door de asplaat en draai hem aan (M8×0,75, inbus 5 mm, 7 Nm).
- Monteer bij CC-uitvoeringen de vorkkop voor de snelsluiting: zet hem op de momentsteun, steek de pen erdoor en borg hem met de borgring. Bij TS-uitvoeringen komt er in plaats daarvan een frameklem aan de momentsteun.
CC: momentsteun met snelsluiting
Section titled “CC: momentsteun met snelsluiting”De CC-uitvoering wordt met een snelsluiting aan de liggende achtervork bevestigd, zodat het wiel er zonder gereedschap uit kan.
-
Zet het wiel in het uitvaleinde en draai de as zo dat het uiteinde van de momentsteun recht onder de liggende achtervork ligt. Sluit de snelspanner van de as.

-
Buig de momentsteun met zijwaartse druk naar binnen tot zijn uiteinde precies onder het midden van de liggende achtervork ligt.

-
Schuif de vorkkop van onderen in de snelsluiting en vergrendel hem door de vergrendelpen in te drukken. Vergrendeld ligt de pen gelijk met de buitenkant van de snelsluiting; om te openen druk je de ontgrendelknop van binnenuit terug.
-
Druk de ingeklikte snelsluiting van onderen tegen de liggende achtervork — de ontgrendelknop wijst naar de binnenkant van het frame. Controleer of hij in het midden onder de liggende achtervork zit; zo niet, buig de momentsteun nog wat bij.

-
Leg de twee klembanden om de liggende achtervork en buig ze in vorm. De schroefkoppen zitten aan de binnenkant van het frame en wijzen naar beneden.

-
Neem de banden af, knip het overschot eraf en rond de scherpe hoeken af — daar kun je je hand aan openhalen.

-
Monteer beide banden en draai hun schroeven gelijkmatig aan (2,5 Nm).

-
Open de snelsluiting en de snelspanner van de as, en controleer of de momentsteun soepel in en uit zwenkt. Zo niet, draai de banden los en corrigeer de positie van de snelsluiting.

TS: momentsteun met frameklem
Section titled “TS: momentsteun met frameklem”Bij de TS-uitvoering wordt de momentsteun vastgehouden door een metalen klem — bout, moer en ring.
-
Zet het wiel erin, draai de as zo dat het uiteinde van de momentsteun onder de liggende achtervork ligt, en draai de asmoeren aan.

-
Buig de momentsteun met zijwaartse druk naar binnen, onder het midden van de liggende achtervork.

-
Leg de frameklem om de liggende achtervork en schroef hem vast aan de momentsteun (steeksleutel 10 mm, tegenhouden met een inbussleutel van 4 mm, 6 Nm).

OEM-, OEM2- en PM-asplaat
Section titled “OEM-, OEM2- en PM-asplaat”Deze hebben geen aparte momentsteun nodig: de asplaat geeft het koppel zelf door aan het frame.
- OEM: leid eerst de astap en dan het steunblok in de verlengde sleuf van het Rohloff-OEM-uitvaleinde.
- OEM2: terwijl je de astap erin schuift, moet de vork van de asplaat om de pen van de SPEEDBONE of MonkeyBone grijpen, of om de kop van de steunbout.
- PM: de vork van de asplaat moet om de pen van de PM Bone grijpen. Bij een A12-as moeten de bussen in de juiste volgorde aan de juiste kant zitten, met twee Nord-Lock-ringen onder elke bout.
Controleer altijd, voordat je de snelspanner sluit of de asmoeren aandraait, of de astap helemaal op zijn plaats in het uitvaleinde zit. Voor de aanhaalmomenten: zie Gereedschap en bouten.
Veelgestelde vragen
- Met welk aanhaalmoment draai je de klemmen van de lange momentsteun aan?
- Bij CC-uitvoeringen draai je de schroeven van de twee klembanden gelijkmatig aan tot 2,5 Nm; bij TS-uitvoeringen de bout van de frameklem tot 6 Nm. De bout die de momentsteun aan de asplaat vasthoudt, krijgt 7 Nm.